Elke dag hoor je in het nieuws of in je omgeving wel iets van immigratie of emigratie. Mensen willen massaal Nederland in komen, maar mondjes maat vertrekken ze ook om ergens anders hun leven voort te zetten. Ook ik zie mezelf liever mijn dagen slijten op een Andalusisch olijven plantage. Nog liever vandaag dan morgen want hoe geweldig zou het zijn om te leven in een Andalusisch Moors huisje, met in mijn tuin bloeiende oleanders, een kleine plantage en een toekomstige vent die riedeltjes voor me speelt op zijn gitaar. Ik heb echt ontelbare keren op het punt gestaan om met Spaanse vrachtwagens mee te liften naar Spanje om het gewoon maar te doen. Maar dan begin ik te twijfelen. Stiekem hou ik wèl van Nederland. Stiekem word ik al blij bij het aanzien van een nostalgisch boerderijtje met een land koeien erbij. Als ik in de Lente hier door de bollenstreek rij, voel me ik me trots dat ik tussen de bloeiende velden wakker word terwijl half Azie flink veel geld neerlegt voor een blik op zo’n veld. Als ik in Amsterdam rondwandel dwalen mijn gedachten regelmatig weg en waan ik mij in het Amsterdam in de Gouden Eeuw.
Back to reality. Het is 2009 en je moet van alles. Heel vervelend. Langzaam dwalen mijn gedachten weer af naar die authentieke plantage in Andalusië. Omdat het niet echt een heel erg realistisch plan is betrap ik mezelf regelmatig op het zoeken van een ticket voor een weekendje weg uit Nederland bij een low budget maatschappij. Als ik maar weg ben uit Nederland. Op het moment dat ik weg uit Nederland en al zijn regels ben, ben ik blij, gelukkig en zie ik er echt tegenop om weer terug te gaan. Het nostalgische Amsterdamse stads aanzicht en boerderijtjes vergeet ik en denk ik alleen nog maar aan alles waarom ik het niet leuk vind thuis.
Afgelopen week was mijn vriendin uit Slowakije op bezoek. Gezien het lekkere weer hebben we het strand opgezocht, fijne fietstochtjes gemaakt en een dagje Amsterdam gedaan. Als inwoners van een voormalig communistisch land heb ik ze een geweldige week bezorgd. De huisjes en de straten in Nederland zijn heel keurig en iedereen bekommert zich om hun tuintjes. In Slowakije is dat niet. Het landschap is prachtig, in Slowakije is dat lang niet zo mooi als hier. Iedereen heeft zo veel vrije tijd hier, in Slowakije bestaat het leven alleen maar uit werken. De mensen in Slowakije zijn verschrikkelijk, hier niet. Bratislava is alles behalve mooi, Amsterdam is super. Nederland is een sprookje, Slowakije is reality.
Of ze hier geen huis konden kopen. Hun leven zou zo veel leuker worden als ze hier konden wonen.
Dit zijn nog maar twee voorbeelden, ik ken er nog veel meer. Veel mensen zijn wel gelukkig met hun thuisland, vele niet. Het gras is altijd groener aan de overkant.
Over een paar jaar zit ik op mijn olijven plantage, ik verlang er echt naar, maar ik hoor bij mijn thuisland. Ik zal het niet helemaal verlaten. Ik vertrek enkel om uiteindelijk weer terug te keren.
In ‘Indonesië op Vrijdagmiddag’ van Max de Bruijn vond ik een quote waarin hij dit perfect omschrijft. Die zal ik nu citeren:
“ Ver weg wacht Nederland dat bij terugkeer even heerlijk is en dan altijd zo tegenvalt. De mensen die zo vaak moeite hebben om goedendag te zeggen, de voortdurende haast, de overdreven orde der dingen, de voorspelbaarheid van het leven en natuurlijk dat akelige klimaat ”

Ik wil naar de USA later. Echt al vanaf dat ik heel jong was. (Ben nu 14.) Ik heb het idee dat ik sowieso vreselijk spijt ga krijgen, als ik (altijd) hier blijf.