MIJN ZUS IS DE LIEFSTE FIETS VAN DE WERELD

Toen ik een paar dagen geleden mijn oude woonplaats helemaal in Limburg in fietste, was ik zeer verheugd bij de gedachte om mijn kleine zusjes eindelijk weer te zien. Ik was er al een lange tijd niet geweest en een onaangekondigd verrassingsbezoek leek mij overigens wel leuk. Ik fietste de bekende straat in. Alsof ik zomaar en toevallige passant was fietste ik net voorbij de poort waar net de allerkleinste kwam uit fietsen. Continue reading

CARNAVALS WEEKEND

Ik ben een import Amsterdammer. Geboren in Limburg maakt mij dus een Limburger en Limburgers vieren carnaval. Behalve ik. Sinds mijn opgelopen carnaval slash porno slash kots trauma heb ik praktisch geen verkleedskist meer aangeraakt. Na jaren prinses, fee of iets anders met een zwierige jurk te zijn geweest was het ineens de stofjas die zijn intrede maakte in onze oh zo stoere basisschool klas. En met zo’n versierde stofjas moest flink geshowed worden in de kinder carnavals tent. Die was van zes tot negen, en vanaf een uur of half tien werd het een zuipfestijn voor volwassenen. Dat moment was ook precies het moment wat in mijn geheugen gegrift staat voor het leven.

Voor de ingang van de desbetreffende tent had men het hele plein ondergekotst. Ik denk niet dat ik ooit zo veel plasjes kots bij elkaar had gezien als toen. Al apenkooiend moest ik naar een meer begaanbaar stuk straat. Tussen al die plassen kots op een bankje werd daar ‘gepijpt’. Het duurde even voordat ik achter de benaming kwam maar over het beeld wat ik toen zag, iemand die een piemel aan het likken en lebberen was, ben ik nooit over heen gekomen.

En dan hebben we nog de diepzinnige liederen. Liederen die… Nee, laten we het daar maar niet over hebben.

Ook dit jaar heb ik geen carnaval gevierd. Ik moest oppassen en ben het hele weekend ziek geweest. Eenmaal terug in Amsterdam ben ik op een een of andere manier via een café op het Leidse in het Comedy Café terecht gekomen. Ik moet zeggen dat het wel erg leuk is om te doen. Je kan er voor vijf euro eten en voor drie euro komen willekeurige stand up comedians hun nieuwe grappen op je uitproberen. Is dat niet leuk?

En voor nu? Nu is het bedtijd.

Weltrusten.

carnaval-station

comedycafe

Comedy Cafe aan het Max Euweplein

SCHOOLPLEIN TERREUR

schoolplein

Bij toeval moest ik vandaag mijn kleinste zusje ophalen van school. Ze zit op de zelfde basisschool waar ik ook op heb gezeten maar door rigoreuze veranderingen herkende ik het bijna niet meer terug. Wat ik ook niet ken zijn ouders die ruim van te voren bij de deur wachtten op hun koters. (ik moest al vanaf groep twee alleen naar school) Aangezien ik ook iets te vroeg was stond ik daar dan tussen de ouders. Wat kan ik je er over vertellen? Dit is niet mijn ding. Ik verbaasde me over het gejammer, geroddel en de scheinheilige groeten vlogen mij om de oren. Kom op vaders en moeders, hoe oud zijn jullie nou? Het was al koud maar de sfeer maakte het niet aangenamer op het koude schoolplein. Ik ben in iedergeval blij dat dit ritueel elke dag kan overslaan. Dat is geouwehoer op school, werk en internet is toch wel genoeg?

SNIF… SNIF… RUIK JE DAT?

Het is avond, schemerig en bijna donker en ik fiets door de zwoele lucht die tussen de straten hangt van het dorp waar ik al honderd duizend keer door heen ben gefietst. Anders dan de stad waar je op elke hoek van de straat een andere geur ruikt, ruik je hier een zwoele maar zeer zoete vleug van iets wat in bloei staat. Het zijn de rozen of de struiken die je echt alleen ruikt als het avond is.

Al fietsend door die zoete geur ben ik in een keer plotsklaps terug in Marokko. In het kleine winkeltje op de hoek die zepen, wasmiddel, olie, cola, brood en snoepjes verkoopt. Waar de man achter de glazen toonbank je helpt met alles wat je nodig hebt en wat er in dat absurd kleine winkeltje te krijgen is. De lucht die er hangt, een zoetige geur – het lijken wel zeperige rozen – is een geur die je niet snel vergeet. Ik koop een rond brood, een stokbrood en eieren. En een zakje wasmiddel van een merk die ik nog niet heb uitgeprobeerd.

In de huizen kom je die geur elke keer weer tegen. De zoete geur gemengd met de geur van vers brood, gebraden vlees of de kruiden uit de tajine. Maar de zoetigheid die hangt tussen de stoffige maar eenvoudige huizen is een geur die je elders meteen herkent en je doet terug denken aan die eenvoudige maar oh zo heerlijke dagen daar in het Noord Afrikaanse land.

Ik fiets door het dorp waar ik al honderdduizend keer doorheen ben gefietst. Ik ruik een zoetige geur van rozen of struiken die in bloei staan. Het is een geur die je hier in Nederland echt alleen maar ruikt als het avond is…

 

roses-fez

HEY ROWENA, WAAR KOM JIJ VANDAAN?

Laatste tijd werd me wel eens gevraagd waar ik vandaan kom. Waar kom ik vandaan? Ik heb eigenlijk helemaal geen idee. Ik kom uit Nederland, daar kom ik vandaan ja. Maar als iemand mij uit Nederland vraagt waar ik vandaan kom is de vraag, of eigenlijk mijn antwoord een stuk gecompliceerder. Ik ben geboren in Venray, Limburg. Opgegroeid in Lisse, Zuid-Holland en rond mijn tiende ben ik weer even in Venray komen wonen.

Toen ik in Venray woonde kwam ik uit Lisse. Want ik praatte anders, ik was anders en er was heus sprake van andere normen en waarden tussen de twee woonplaatsen. Ik begreep sommige  ‘dingen’ niet en anderen ook niet van mij. Ik was de Rotterdammer, de Amsterdammer, de kakker (wtf?) en noem het maar op en die limburgers waren naar mijn idee te stom om gewoon Nederlands te praten. In Venray praten ze Venrays en ik heb me altijd hevig verzet om het te proberen te verstaan. Ik heb dus ook een keer aan iemand gevraagd waarom ze continue plat praatte, en niet gewoon Nederlands omdat ik haar niet verstond. Als antwoord kreeg ik dit; ’Als ik plat praat, dan hoef ik tenminste niet na te denken’.  (…)

Maar goed, toen ik twee jaar geleden weer terug kwam in Lisse, toen was ik ineens de Limburger want ik praatte… anders. Ik ben er immers toevallig geboren.  Nee! ik ben geen limburger! Ik praat gewoon goed Nederlands en ik ben opgegroeid met de bollenvelden en het Keukenhof. Wat nou limburger, ik

kom uit Holland.

En toch voel ik me daar ook een buitenstaander. Zowel als in Limburg als in Holland. Want hoe goed men daar allen Nederlands praat, ik kan er wachtten tot ik een ons weeg zolang je geen uitnodigingen de deur uit hebt gedaan komt er geen hond op je verjaardag. Wat betreft mijn familie: de ene helft woont daar, en de ander daar.

‘Hey Rowena, vertel eens? Waar kom je vandaan?’. Euh… uit Nederland. Ik kom uit Nederland….

 

Volgens mij heet deze kaas ook last van een kleine identiteitscrisis..

Volgens mij heet deze kaas ook last van een kleine identiteitscrisis..